Meercamera-regisseur Astrid Wisman en regie-assistente Sascha van der Feer zijn een geolied team. Vanaf het eerste moment was er groot vertrouwen.
De ene, Astrid Wisman, is geboren Friezin. Ze deed de modevakschool, maar geïnspireerd door de Sterrenshow van Willem Ruis wilde ze eigenlijk show-regisseur worden. Ze ging wonen bij een tante in Amstelveen, leende haar auto en werd door presentatrice/personeelschef Anita Witzier aangenomen bij Veronica. Daar maakte Wisman carrière om na negen jaar de overstap te maken naar Studio Sport: als regisseur, omdat ze dat ambieerde. Het was midden jaren negentig en er zouden heel veel NOS-producties volgen.
De ander, Sascha van der Feer, werd geboren in Bussum. Ze wilde verpleegster worden, maar niemand minder dan de beroemde regisseur en televisiemaker Job Pannekoek raadde haar aan regie-assistente te worden. Hij hielp bij haar opleiding op media-academie Santbergen, waarna Van der Feer op haar negentiende inderdaad werkte als regie-assistent. Verder was ze ooit de oppas van Peter Pannekoek, de zoon van Job.
Goede verhalen
Wisman: “Is dat dé Peter? Die van de oudejaarsconference? Ik wist dat niet. Wat leuk!”
Van der Feer: “Ja. ’s Avonds poffertjes eten. Beetje voetballen. En dan naar bed. Ik kom Peter nog wel eens tegen bij een uitzending. Zijn vader had het goed gezien. Ik ben hem nog steeds dankbaar. Maar wanneer denk jij dat we voor het eerst samenwerkten?”Wisman: ‘Uh,.. dat weet ik niet zeker, maar ik denk bij een sportgala. Matthias Bouman heeft het een keer overgenomen en toen heeft hij jou gevraagd. Toen ik het weer ging doen, zei ik: nou dan wil ook Sascha. Ik had goede verhalen over je gehoord, dacht dat komt zeker goed.”
Gezelligheid
Van der Feer: “In mijn herinnering hadden we direct een match. Soort van liefde op het eerste gezicht. Waar dat in zit? Dat je goed met elkaar kan praten.”
“Elkaar kan begrijpen. Elkaar aanvullen. En, ook belangrijk, dat je allebei de ander zijn eigen ding laat doen, elkaar vertrouwt.”
“Dat Astrid weet: Sas doet dit, dus dit komt goed. En dat ik zie dat Astrid naar een artiest loopt, even overlegt, en dan ben ik ondertussen mijn dingetje aan het regelen. Die automatische verdeling, denk ik.”
Astrid Wisman: ‘In dit vak weet je vrij snel of iemand van wanten weet’
Wisman: “Dat klopt zeker. In de jaren is dat natuurlijk gegroeid, maar vanaf het begin was er al die wisselwerking.”
“En qua mens ben jij natuurlijk heel fijn. Als jij binnenkomt ben je gewoon open, eerlijk. Je straalt gezelligheid uit. Dat vind ik ook belangrijk in een productie.”
“En je bent heel gedetailleerd, maar niet tot in de minimale details. Sommige dingen kunnen later, hoeven nog niet in een draaiboek. Dat snapt Sascha en dat schept vertrouwen.”
Vooruitdenken
“In dit vak weet je vrij snel of iemand van wanten weet. Er zijn zat mensen die in de aanloop op elke millimeter van een shot iets hebben, een beetje meer naar links, naar rechts. En op het moment dat het dan live gaat gebeuren staan ze een meter verder, en is het opeens wel goed. Aan dat soort zaken verspil ik niet mijn tijd.”
“Ik wil de grote lijnen goed hebben. Dat iedereen in zo’n productie zich goed voelt. En dat ik dan het idee heb: de rest van de dingen regelt Sas. Een goed draaiboek, goed tellen in de muziek, dat ik nog wat kan toevoegen.”
Van der Feer: “Mijn functie is een soort van luchtverkeersleider, zo leg ik het altijd uit. Constant mensen in de gaten houden, en een stapje vooruitdenken. Zodat iedereen weet waar we naartoe gaan, en waar we vandaan komen.”
“Wij zitten toevallig in de regie, maar om ons heen is een groot team aan het werk. Al die mensen moeten met de neus dezelfde kant op.”
“Als regie-assistente probeer ik tussen de wensen van Astrid en de rest van de ploeg een vertaalslag te maken. Let op, dit komt eraan. Changeer je camera naar het volgende plekje voor het volgende shot. Ik hou cameramensen, licht, geluid, artiesten, van alles in de gaten. Afhankelijk van de productie maak ik van tevoren een groot of minder groot draaiboek.”
Tussen gevoel en beeldschakeling
Wisman: “Wat doe ik er dan nog toe hè? Maar wat Sas zegt is belangrijk. Zij houdt alles om mij heen in de gaten, zorgt dat iedereen op tijd zijn cue krijgt. Samen proberen we vooraf alles zo goed en mooi mogelijk in beeld te brengen.”
“Ik bedenk plekken voor camera’s. Ik denk na over camerabewegingen; zoek naar harmonie tussen gevoel en beeldschakeling; wil op detailniveau de beste keuze kunnen maken.”
Sascha van der Feer: ‘Dan ga je gewoon met z’n tweeën zeggen: doei draaiboek’
“Sas geeft een cue voor drums in beeld, maar dan zie ik een meisje in het publiek met een traan in haar oog. Dan laat ik die cue even en zeg: ‘camera 1, zoem maar in op die traan.’”
“Andersom kan ook. ‘Wachten, wachten’, zegt Sas tegen mij, terwijl er een andere cue was. Dan luister ik, heb ik blind vertrouwen in dat het goed is. En dat is ook altijd zo.”
Chemie
Van der Feer: “Elke productie heeft momenten waarin die chemie blijkt. Ik kan me een dag herinneren bij het Vuur van de Vrijheid dat er alleen maar regen was. Ook dan wil je dat mooie programma neerzetten. Bij de pakken neer gaan zitten helpt dan niet. Je hebt tijd nodig om te repeteren. Astrid is dan: okay, wat hebben we wel? Strijkers naar binnen, want buiten kan niet.”
“Dan moet je even uit-de-box denken. En dan ga je gewoon met z’n tweeën zeggen: doei draaiboek. Dit hier naartoe, dat daar: bedenk je met elkaar hoe je er toch goed uit kan komen. Als je daar voorbij bent, en je bent weer van zender ’s avonds, dat je elkaar dan aankijkt: ‘yes, we hebben het toch weer gefikst.’”
Wisman: “Dat is dan prachtig. En dat lukt ook omdat als je het goed hebt samen, er een goede harmonie is, dan bereik je meer. Het hele team voelt dat, en zijn dan bereid voor jou een stapje harder te lopen.”